Gebarentaal is een natuurlijke taal waarbij voornamelijk de handen (manueel) en de ogen (visueel) een belangrijke rol spelen, zoals bij de gesproken talen voornamelijk gebruik wordt gemaakt van de stem (oraal) en het gehoor (auditief).

Dus gebarentaal is een visuele taal en een volwaardige taal met eigen grammatica.

De gebarentaal is de taal van prelinguaal dove mensen. (Prelinguaal = mensen worden doof geboren of zijn doof geworden vóór de leeftijd waarop zij een taal verworven hebben.)  Gebaren ontstaan tussen dove mensen die met elkaar willen communiceren. Net als bij gesproken talen tussen horende mensen.  Zoals al vermeld, heeft de gebarentaal een eigen grammatica. 

Een voorbeeld:   Gesproken Nederlands: Het boek ligt op de kast
Vertaald in de Nederlandse Gebarentaal: KAST WIJZEN (naar de kast) BOEK OP.
Je kunt zien dat de volgorde van de woorden bij gebarentaal anders is dan bij gesproken taal.

Zoals er verschillende gesproken talen (bijv. Frans, Fins, Engels, etc) zijn, heeft ieder land zijn eigen gebarentaal.
In Nederland wordt de gebarentaal afgekort met NGT (Nederlandse Gebarentaal).

Gebarentaal is, dankzij de vele expressiemogelijkheden en de grote beweeglijkheid, een bij uitstek mooie en invoelbare taal. Een taal, die evenals de gesproken talen over een eigen grammatica en een uitgebreide woordenschat beschikt. Een taal, waar doven met recht trots op zijn!
(Deze tekst is gedeeltelijk overgenomen uit het boek "De Nederlandse Gebarentaal".)